Foto: Leren door te doen: Peter Morsay aan het werk met docent Marcel Coffa.
Met je handen een vak leren en daarmee je kansen op werk vergroten. Dat is het idee achter De Vakmakers, een opleiding voor mensen die werk zoeken en graag een technisch vak willen leren. In twaalf weken worden deelnemers opgeleid tot assistent-elektricien, loodgieter of timmerman. Lars Nieuwenhoff startte het initiatief zo’n anderhalf jaar geleden vanuit Scalabor, de organisatie die mensen ondersteunt bij hun ontwikkeling naar werk. Inmiddels hebben de eerste deelnemers werk gevonden. Een bezoek aan De Vakmakers laat zien hoe dat in zijn werk gaat.
Met je handen leren
Op de eerste verdieping van een groot pand langs de Rijn is volop bedrijvigheid. Het ruikt naar houtsnippers en soldeertin. Er wordt gezaagd, gesoldeerd, gebogen en getimmerd. Hier leren deelnemers een van de vakken in de vingers te krijgen. Lars laat een paneel zien met daarop alle basismaterialen en aansluitingen van een installatiemonteur. “Als ze dit kunnen, gaan we het moeilijker maken,” vertelt hij. Langs de muur staan een toilet en een wastafel opgesteld, waarmee de deelnemers het geleerde in de praktijk kunnen toepassen. Daarna komen verwarmingsketels en vloerverwarming aan bod.
Ook de houtwerkplaats is ingericht op leren door te doen. Eerst oefenen de deelnemers met zagen en beitels en maken ze kennis met verschillende houtsoorten. Daarna komen de machines aan bod. In twaalf weken leren ze onder meer een raam te stellen, een dak onder afschot te maken, te isoleren en plafonds en wanden af te werken met gips. “Ze leren hier in korte tijd veel meer dan ze eigenlijk zouden moeten om hun certificaat te behalen. We doen het grondig, zodat deze mensen echt vooruit kunnen in het vak.”
Klaar voor de arbeidsmarkt
De vraag hoe je mensen een stap verder helpt richting werk loopt als een rode draad door de werkzaamheden van Lars. Ook bij Huis vóór de Wijk in Immerloo hield hij zich daarmee bezig, en bedacht daarvoor de term ‘wijkeconomie’. Hij hielp er veel initiatieven van de grond komen: het traject dat voorafgaat aan De Vakmakers. “Hier geef ik het laatste stapje vorm: als een snelkookpan mensen klaarstomen voor een startbaan op de arbeidsmarkt.”
Inspiratie voor het initiatief vond Lars bij vergelijkbare initiatieven in onder andere Rotterdam en Heerlen. “Maar wat ze daar niet hebben, is de begeleidingsstructuur die we er omheen hebben gebouwd, die maakt dat deelnemers echt een stap verder komen.” En daar is Scalabor natuurlijk expert in.
Op maat
Lars en zijn team van ervaren docenten, met wel 30 tot 40 jaar ervaring in het vak, zorgen ervoor dat de begeleiding precies aansluit bij wat iemand nodig heeft. Naast vakkennis en bijzondere aandacht voor veiligheid, leren deelnemers wat het betekent om goed mee te draaien op de werkvloer. Dat begint bij de basis: op tijd komen, vragen stellen en initiatief tonen. “We leren ze de juiste werkmentaliteit,” vertelt Lars. Zie je werk liggen, dan pak je het op. “Dat maakt het verschil tussen mensen die slagen en mensen die dat niet doen.” Ook sociale vaardigheden krijgen aandacht. Het vak vraagt ook om goed contact met klanten, vertelt docent Marcel Coffa, die zelf ooit als leerling-loodgieter begon en daarna jarenlang in de installatie- branche werkte. Ook communicatie krijgt daarom aandacht.
Bij de afronding heeft elke deelnemer zijn cv op orde. Daarnaast krijgen ze een ontwikkelprofiel mee met hun doorgroeimogelijkheden en een Skills Paspoort. Daarin staat tot in detail wat iemand kan, zodat installatie- of bouwbedrijven meteen kunnen zien welke vaardigheden iemand in huis heeft. En minstens zo belangrijk: vanaf het eerste moment krijgen deelnemers een jobcoach, die hen ook na afloop blijft begeleiden, tot wel drie jaar na afronding. Zo krijgen deelnemers echt de kans hun talent te ontdekken, vertrouwen op te bouwen en een stap richting werk te maken.
‘Mijn droom kan beginnen’
Peter Morsay (42) is een van de deelnemers aan De Vakmakers. Oorspronkelijk komt hij uit Sierra Leone en inmiddels woont hij al zes jaar in Nederland, samen met zijn vrouw en drie kinderen. Zijn droom was altijd al om in de bouw te werken, maar door de oorlog was die kans hem niet gegund. Ook in Nederland was de weg ernaartoe niet eenvoudig. Zijn verblijfsvergunning kwam uiteindelijk rond, maar daarna kreeg hij te maken met de toeslagenaffaire. De rechtszaak loopt nog.
Via de gemeente werd hij naar De Vakmakers verwezen. “Ik kan iets leren wat ik interessant vind en het is een belangrijke stap, zowel voor mij als voor mijn familie.” Inmiddels gaat hij zijn derde week in van de richting ‘installateur’. Docent Marcel ziet dat Peter aanleg heeft. “Als je ziet wat je nu al kan, dat is echt al behoorlijk snel. Je mag trots zijn op jezelf!”
Peter voelt zich er op zijn plek en heeft vertrouwen in de toekomst. Hij kijkt stap voor stap vooruit: “Ik wil blijven leren en zoeken naar een baan. Deze goede mensen gaan mij daarbij helpen.”
De volgende stap
De eerste resultaten zijn er al. Van de deelnemers die inmiddels zijn opgeleid, zijn er 45 doorgestroomd naar betaald werk. “Dat is echt een heel hoog percentage”, zegt Lars. Dat scheelt de gemeente volgens hem veel geld.
In de anderhalf jaar dat De Vakmakers nu bestaat, heeft Lars ook geleerd waar de uitdagingen liggen. Zo blijft de aansluiting met de arbeidsmarkt een aandachtspunt. “In de toekomst wil ik het omdraaien: dat bedrijven aangeven hoeveel mensen ze nodig hebben en dat wij daar gericht op aansturen.” Uiteindelijk wil Lars toe naar een situatie waarin bedrijven deelnemers na De Vakmakers zelf verder opleiden en hen de mogelijkheid geven om door te groeien naar een hoger niveau.
Ook taal blijkt soms een aandachtspunt. Zo’n 60 procent van de deelnemers heeft geen Nederlandse achtergrond. Daarom komt er een voortraject waarin deelnemers hun Nederlands tot niveau B1 kunnen brengen. Daarmee moet de hele route naar werk gedekt zijn.
De volgende stap is om De Vakmakers breder uit te zetten, onder meer in Elst, Rheden, Zevenaar en Duiven. Scalabor kijkt daarbij niet alleen naar techniek. “Wat we hier leren aan methodologie, willen we nu ook gaan vertalen naar de zorg, logistiek en het groen.” In de gemeente Arnhem staan volgens Lars zo’n 7000 mensen aan de kant, van wie ongeveer 3500 geen Nederlandse achtergrond hebben. De ambitie is om voor iedereen een route naar werk te bieden, steeds vanuit hetzelfde uitgangspunt: leren door te doen, op een manier die bij iemand past, en van daaruit verder komen.
